De stad zelf is mijn grootste archief De stad zelf is mijn grootste archief
Ik ben Frank de Klerk. Geboren in Goes, in 1959. Over een paar maanden ga ik met pensioen als archivaris, na een leven tussen dozen vol papier, perkament en in leer gebonden boeken die ruiken naar tijd. Maar eerlijk gezegd: de stad zelf is mijn grootste archief. Elke steen, elke straat, elke naam boven een deur vertelt me iets.
Een stad van lagen Een stad van lagen
Ik heb altijd van geschiedenis gehouden. Niet alleen om wat is geweest, maar ook om wat blijft. De zorgen van vroeger zijn als je terug de archieven induikt dezelfde als die van nu: werk, veiligheid, geborgenheid. Mensen waren in de 15e eeuw niet zoveel anders dan wij. Zij maakten zich druk over parkeerproblemen, toen voor paard en wagen, nu voor auto’s.
In het archief van Goes, dat teruggaat tot de Middeleeuwen, liggen die verhalen vast. Over scheepvaart, handel, rechtspraak en ga zo maar door. Honderden meters papier, vol namen en levens. Soms lees ik iets, een losse aantekening of een kleine tekening in de kantlijn en dan verbaas je je soms over wat je leest of ziet. Een aanrader om een keer het archief van Goes bezoeken als je meer wilt weten over de omgeving en stad.
De stad binnenstappen De stad binnenstappen
Op een aantal plekken in de stad ervaar je gewoon dat je een middeleeuwse stad binnenwandelt. Over de stenenbrug bijvoorbeeld, daar ga je overheen, en daar stonden vroeger de stadspoorten. Dan voelt dat als een soort beslotenheid.
Het hart van de stad Het hart van de stad
Mijn favoriete plek is het stadhuis. Dat is natuurlijk een onmisbaar element in een oude stad. Het begon ooit als dorpshuis en dan niet om feest te vieren, maar echt als de plek waar het bestuur van het dorp gevestigd was. Met een toren, ongeveer zoals die er nu nog staat.
In 1465 bouwde ze een geheel nieuw stadhuis, dat tot op de dag van vandaag als je er loopt nog het hart van Goes vormt. Het stadhuis en de markt ligt op een oude kreekrug, een hoger stuk grond tussen het veen. Het stadhuis ligt precies in het midden.
Een stad met een warm hart Een stad met een warm hart
Wat ik zo waardeer aan Goes is de gemoedelijkheid. Er is iets Bourgondisch aan de sfeer hier. Mensen groeten elkaar, toeristen voelen zich welkom. Ik bedoel eigenlijk dat er een makkelijke manier van omgang is met mensen, maar ook met bezoekers van buiten. Ze voelen zich hier welkom en dat is niet nieuw.
Dat was vroeger ook al zo. De stad moest het hebben van handel, van bezoekers uit de dorpen. En dus zorgde men ervoor dat mensen zich welkom voelden. Ik denk dat dit verklaart waarom Goes altijd een vriendelijke uitstraling heeft gehouden. Misschien heeft dat te maken met het feit dat we altijd openstaan voor anderen. Hoe dan ook: die sfeer is er nog steeds. Je merkt het op de markt, op een terrasje. Ik ervaar dat ook zo!
De sporen van mensen De sporen van mensen
Als ik langs de haven loop, vallen ook de namen boven de deuren op. Denk bijvoorbeeld aan Het Land van Belofte. Elk huis vertelt een verhaal. Soms verwijzen die namen naar een beroep, soms naar een familie, soms gewoon naar een gevoel of een wens. Dat is uniek: zulke namen houden de geschiedenis van de stad levend.
En wie goed kijkt, ziet dat Goes constant in beweging is geweest. Eeuwenlang hebben mensen hun huizen vernieuwd en aangepast aan de tijd. Had je een mooi oud 16e-eeuws trapgeveltje? Dan vond men dat op een gegeven moment ouderwets, en werd het vervangen door een moderne lijstgevel. Zo bleef de stad vernieuwen, maar zonder haar verleden helemaal los te laten. Het huis bleef misschien 16e-eeuws, maar werd wel doorontwikkeld, steeds met een moderner gezicht.
De namen van de kades De namen van de kades
En als je echt goed kijkt, zie je dat de stad haar verleden zelfs in haar straatnamen draagt. Waarom heten de kades Turfkade, Bierkade, Kleine Kade of Grote Kade? Ze hadden allemaal hun eigen functie: handel, overslag, ambacht. Elk van die plekken vertelt over een tijd waarin de stad leefde van water, arbeid en verbinding.
Een stad vol details Een stad vol details
Wat ik prachtig vind aan Goes is dat je met weinig moeite jezelf kunt openstellen voor de historie die je tegemoetkomt. Overal om je heen zie je oude ornamenten, gevelstenen, ankers, rare bochten, smalle straatjes, blauwe stenen en verborgen steegjes. Het zorgt ook voor een bepaalde warmte in de stad. En bijvoorbeeld als je over de Westwal wandelt en over het water naar beneden kijkt zie je weer een reeks aan prachtige gevels uit de jaren ’30.
Goes is geen stad om doorheen te haasten. Er valt zoveel te zien en te beleven als je goed kijkt. En wie de tijd neemt, ziet elke keer weer iets nieuws.